warm weekend

Ik ga niet klagen over het weer, maar het moet gezegd. Dit is niet normaal (of gezond). Los daarvan heel veel liefde voor dit zonnetje. Al brengt ze de clichématige hashtag indian summer met zich mee en zal de slag in het gezicht twee keer zo groot zijn op het moment dat ik mijn nieuwe schoenen – ze staan in de kast stof te vangen – dan toch moet aantrekken. Voorlopig nog even zonder jas, sjaal en handschoenen, maar wel met dit.

  • met de fiets, onderweg, en dan over zo veel mogelijk kurkdroge bladeren rijden
  • de wintersloffen – jawel – opnieuw wisselen voor de zomersloffen – ook jawel
  • de zelfgebreide jas van mijn mama dan maar binnen ipv buiten dragen
  • gratis sauna in de auto
  • ijsjes na het werk
  • cinema dates op zomeravonden (in de herfst)
  • na vijf minuten beginnen zweten in de fitness en denken dat je heel goed bezig bent

Fijne maandag!

Advertenties
warm weekend

Morgen misschien

wanneer ik morgenvroeg wakker word
zal ik het weer willen
de stilte waarin de zon opkomt
de ruwte van de wind door de spleten van het rolluik
de felheid van de afwas die echt nu gedaan moet worden
met gestrekte benen uit bed
hoofd eerst
gedachten volgen
nu nog even niet

misschien

Morgen misschien

een zaterdagvoormiddag aan zee

Sinds mijn grootouders hun appartement in Heist-aan-zee te koop zetten, begin deze zomer, verlang ik naar de zee. Ik leek er maar niet te geraken, maar kijk, de zomer is nog niet echt voorbij dus.. Om half zeven op zaterdagochtend vertrokken we met z’n drietjes. Papa en pa zouden een nieuw systeem voor de ambetante nieuwe douchedeuren die nooit echt gewerkt hebben, uitproberen. Ik zou een strandwandeling maken die begint in een blakende ochtendzon en eindigt met een waterig zonnetje na een regenbui. Haar nat tegen te wangen, schoenen en sokken onder het natte zand, hartje opgelucht en uitgewaaid.

Onderweg. Ik tel mijn passen en staar naar de lijnen van de wind in het zand. Het strand kleurt langzaamaan jachtluipaard. De wolken dansen met het water, de tranen van een mislukte wals. Nog voor de laatste druppel valt en de zeedijk zowat blank staat, verschijnen de eerste wandelaarsbenen opnieuw. De regen joeg hen weg, maar een koffie en een borrel later gaat het wel weer.

Er is iets aan de zee. Het viel me vroeger, toen ik er als kind zowat iedere schoolvakantie wel een paar dagen verbleef, nooit op. Vroeger was het weg van huis, mama en papa werken, wij vakantie. Nu is het weg van alles. Rustig en rusteloos, een beetje zoals ik. Drie uur later rijden we terug naar huis.

een zaterdagvoormiddag aan zee

Het eiland

Na lang zwemmen spoelden we aan. Lamme armen, zware benen. Goed om dagen niet naar de fitness te gaan. Het is er schoon. Mooi weer, witte stranden, onbereikbaar exotisch fruit, de grootste monstera’s ever. Handdoek uitgerold en melkflessen ingesmeerd. Daar liggen we dan. Heel even genieten. De wolken doen ons niets, maar het zand begint te kriebelen.

Ooit, heel snel, zullen we verder moeten. Hoe mooi de jungle ook is. We willen regen, steden, fietsen tegen de wind in. Slapeloze nachten, indommelen op de zetel en spartelen voor de sport. Bloed, zweet en tranen. Versleten schoenen, diepvries maaltijden en knuffelen voor de dag begint. Rennen, lopen, spurten, vallen over onze eigen voeten of die van elkaar. Sleuren, smeken, liefhebben, liggen. Lawaai, lange dagen, discussiëren om niets, lachen. Zolang we maar met z’n twee.

Het eiland

Don’t stop

Ik weet dat ik mezelf beloofde iedere dag te schrijven dit jaar. Dat is niet gebeurd en hoef ik ook niet uit te leggen. Ergens weet ik waar het mis ging. Stoppen was makkelijker dan doorgaan. Al is doorgaan makkelijker dan opgeven. Door te stoppen gaf ik mezelf de kans er niets om te geven. Niemand leest dit of zit te wachten op wat ik denk over niets – dat vertel ik mezelf nog iedere dag. Ik moest opeens geen smoesjes meer verzinnen, maar ik zit nu wel met de gebakken peren en roestige vingers.

Toch maar weer schrijven dus. Eigenlijk voor mezelf, maar laat het gerust ook voor jou zijn.

Don’t stop

Het einde van een zomer

Het seizoen gaat sluiten, de terrasjes gaan dicht en een reis naar de zon kost ietsje minder. Opeens is september toch weer een nieuw begin, een frisse start en lege schriftjes. Maar meteen ook het einde van een onverwachtse zomer uit mijn dromen: twee landen werden van mijn onbestaande emmerlijst geschrapt. (Bungeejumpen laat ik voor een andere keer. Ik ben van plan nog jaren te leven.)

Of ik over drie weken mee op de vlieger wil stappen naar Nepal? Deze vraag kreeg ik op 5 juli, nadat ik letterlijk iedereen (die er naar vroeg) had verteld dat ik de zomer thuis zou doorbrengen, al zolder opruimend en vooral zonder plan. Lang moest ik er niet over nadenken. En nu ze me toch een vinger hadden gegeven, nam ik maar ineens de hele hand. Plus tien dagen India. Zo werden mijn lamme, gevaccineerde armen toch ook de moeite waard.

Waar zal ik beginnen?

Of nee, hoe zal ik opnieuw beginnen?

Het einde van een zomer

Het leven zoals het is: de tweede ronde

Woensdagochtend omstreeks 8u56 werd ik “een zeer sterke nummer twee in dit verhaal”. Helaas miste ik een hoopje levenservaring voor de job in kwestie. Zelfs de verwoede pogingen tussen het eerste en het tweede gesprek mochten niet baten. Dus, wat doe je als iemand anders voor je neus met ‘de job van je leven’ – ja, vraagtekens en al – gaat lopen? Juist, de volgende dag gewoon bloemenkronen maken.

De zomer is er ook maar even, net als het nare gevoel van een ingeplande e-mail op een bewolkte, drukkende ochtend. Niets wat een fietstocht en een rondje door de tuin niet kunnen oplossen. Het leven hè.. Lang leve het bloemschikkoffer van la mamma, inclusief drie rollen bloemistentape. Bakkie troost erbij en loving life (of toch kop omhoog).

Het leven zoals het is: de tweede ronde